Voor één specifieke risicogroep blijkt afvallen niet genoeg om diabetes type 2 tegen te houden. Dat concluderen onderzoekers van het Duitse Centrum voor Diabetesonderzoek (DZD), het Universitair Ziekenhuis Tübingen en Helmholtz München in een studie die verscheen in het wetenschappelijke tijdschrift Diabetes. Zelfs deelnemers die ongeveer 8 procent van hun lichaamsgewicht verloren en dat gewichtsverlies jarenlang volhielden, zagen hun bloedsuiker verder stijgen, hun insulineproductie verzwakken en hun risico op diabetes hoog blijven. Het gaat om mensen die zijn ingedeeld in de zogeheten risicogroep ‘cluster 5’.
- Mensen in risicocluster 5 bleven een hoog diabetesrisico houden ondanks blijvend gewichtsverlies.
- Ook na 8 procent gewichtsverlies en negen jaar follow-up stegen hun bloedsuikerwaarden.
- Insulineresistentie en een ernstige leververvetting lijken de oorzaak.
Een gezonde levensstijl — voedzaam eten, afvallen en meer bewegen — verlaagt voor veel mensen aanzienlijk de kans op diabetes type 2. Toch biedt zo’n aanpak niet iedereen dezelfde bescherming, zo blijkt nu.
Zes verschillende risicogroepen brengen kwetsbaarheid in kaart
Enkele jaren geleden verdeelden DZD-onderzoekers mensen met een verhoogd risico op diabetes type 2 in zes duidelijk afgebakende clusters. Die groepen verschillen sterk in hoe vaak de ziekte zich ontwikkelt en hoe eventuele complicaties verlopen. Vooral cluster 3 en cluster 5 werden aangewezen als groepen met een bijzonder grote kans op diabetes type 2.
In de nieuwe analyse gingen de wetenschappers na of langdurig gewichtsverlies en een op leefstijl gebaseerde preventie voor deze risicogroepen verschillende resultaten opleveren.
Cluster 5 blijft kwetsbaar ondanks blijvend gewichtsverlies
De onderzoekers gebruikten gegevens uit het Tübingen Lifestyle Intervention Program (TULIP). Mensen met een verhoogd diabetesrisico volgden een tweejarig leefstijlprogramma en werden daarna nog ongeveer negen jaar opgevolgd. De analyse richtte zich op deelnemers die fors afvielen én dat gewichtsverlies op lange termijn wisten vast te houden.
“We waren vooral benieuwd of mensen in risicocluster 3 en 5 zich onderscheidden van andere clusters wat betreft verbeteringen in de bloedsuikerspiegel en de preventie van diabetes type 2”, licht hoofdauteur professor Norbert Stefan toe. “We waren zeer verrast dat mensen in risicocluster 5, ondanks een groot en aanhoudend gewichtsverlies van 8 procent en na een zeer lange follow-up van 9 jaar, stijgende bloedsuikerwaarden, een dalende insulineafgifte en een blijvend hoog risico op diabetes type 2 vertoonden.”
Voor deze groep leverde zelfs een blijvend en fors gewichtsverlies dus geen betekenisvolle bescherming op tegen een ontregelde bloedsuiker.
Leververvetting en insulineresistentie lijken de motor achter het risico
De onderzoekers keken ook naar het waarom. De resultaten wijzen erop dat insulineresistentie een grote rol speelde. Die resistentie hing hoogstwaarschijnlijk samen met een ernstige leververvetting. De vetophoping in de lever kan bovendien het vermogen van de bètacellen in de alvleesklier hebben aangetast om insuline af te geven, wat de bloedsuikerwaarden verder deed oplopen.
De bevindingen sluiten aan bij eerder bewijs dat leververvetting en insulineresistentie de belangrijkste ziekteprocessen zijn bij mensen in cluster 5. Volgens de onderzoekers maken die kenmerken hen mogelijk extra kwetsbaar voor zowel diabetes type 2 als hart- en vaatziekten.
Wat dit betekent voor de preventie van diabetes
Diabetes type 2 is een van de meest voorkomende chronische aandoeningen, en leefstijladvies vormt daarbij vaak de eerste stap in de preventie. Deze studie suggereert dat zo’n algemene aanpak niet voor iedereen even goed werkt. Mensen in cluster 5 lijken niet dezelfde metabole voordelen te halen uit een leefstijlinterventie als andere risicogroepen — zelfs niet wanneer ze aanzienlijk en blijvend afvallen.
Voor de praktijk zou dat betekenen dat preventie persoonlijker moet worden. Als vervolgonderzoek de resultaten bevestigt, kunnen mensen met een hoogrisicoprofiel zoals cluster 5 intensievere zorg of behandelingen nodig hebben die specifiek op hun metabole problemen zijn gericht. Belangrijk is wel dat het hier om een observationele analyse gaat: de studie legt verbanden bloot, maar levert op zichzelf geen sluitend bewijs van oorzaak en gevolg.
Denk je dat diabetespreventie in de toekomst veel persoonlijker moet worden aangepakt? Deel je gedachten hieronder.
























